Was 11 september 2001 een profetische gebeurtenis?

Was 9/11 een profetische gebeurtenis?

“Er moeten lessen worden geleerd uit de verhalen van het verleden; en onze aandacht wordt daarvoor gevraagd, zodat allen begrijpen kunnen dat God op dezelfde manier werkt zoals Hij het altijd gedaan heeft. Zijn hand wordt nu gezien in zijn werken en onder de volken, zoals hij gezien werd sinds het evangelie de eerste keer verkondigd werd aan Adam in Eden.”
Er zijn perioden, die keerpunten zijn in de geschiedenis van de naties en van de kerk. In de voorzienigheid van God, zal, als de verschillende crisissen plaatsvinden, het licht voor die tijd gegeven worden. Als het aangenomen wordt is er geestelijke groei, als het afgewezen wordt is geestelijke  ondergang en schipbreuk het gevolg.”  {BEcho, August 26, 1895 par. 10-11}

Om aan te tonen dat 11 september 2001 inderdaad een profetische gebeurtenis betreft, dienen we twee onderwerpen te onderzoeken en te begrijpen, namelijk: Het principe van 1) ‘de herhaling van de geschiedenis’ en 2) ‘de rol van de Islam in de Bijbelse profetie’.

Verder gaan we er in deze studie vanuit dat u op de hoogte bent van onze studies over Daniël 11:40-45.

1) De herhaling van de geschiedenis

Als we over een profetische gebeurtenis spreken, die na het jaar 1844 plaatsvinden moet, dienen we eerst te begrijpen dat het niet gaat om een tijdsprofetie die in vervulling gaat. De vervulling van profetie kan namelijk ook nagegaan worden als blijkt dat bepaalde gebeurtenissen van te voren voorspeld worden. En hier is het waar het principe van ‘de herhaling van de geschiedenis’ belangrijk wordt voor onze studie. Uit Prediker 1:9-10 en 3:15 mogen we weten dat de geschiedenis herhaalt en er niets nieuws is onder de zon. Ellen White spreekt veel over de herhaling van de geschiedenis, maar in het bijzonder over de herhaling van de geschiedenis van de Millerieten:

“Een bijzondere boodschap kwam naar onze aarde, namelijk de boodschap van de eerste en de tweede engel. (Opb. 14:6-8 wordt geciteerd). Toen deze boodschappen verkondigd werden, ontstond de Middernachtsroep en de gelovigen werden door deze boodschappen opgeroepen de kerken te verlaten, want ze verkondigden de tweede komst van Christus op de wolken des Hemels. De hele wereld moest de boodschap “Zie, de bruidegom komt, gaat uit hem tegemoet” horen. Het is de gelijkenis van de 10 maagden.”  {16 MR, 267}

Hierin kunnen we lezen dat tijdens de vervulling van de eerste twee engelenboodschappen ook de gelijkenis van de tien maagden in vervulling ging. In het volgende citaat van zr. White zullen we zien, dat deze gelijkenis zich nogmaals tot op de laatste letter zal herhalen:

“Ik word vaak op de gelijkenis van de 10 maagden gewezen, waarvan er 5 wijs en 5 dwaas waren. Deze gelijkenis heeft zich al vervuld en zal zich nogmaals letterlijk vervullen, want het heeft een bijzondere aanwending voor deze tijd; en precies zoals de boodschap van de 3e engel al vervuld is, zal ze nog verder tegenwoordige waarheid zijn, tot het eind van de tijd…” {RH 19. August 1890, par. 3}

In het volgende citaat wordt ons opgedragen toekomstige gebeurtenissen aan te tonen, door de afloop van de reeds gebeurde profetische geschiedenis te verklaren. Het is belangrijk de volgorde van de vroegere gebeurtenissen te herkennen, want alleen dan kan men correct de toekomstige afloop van gebeurtenissen uitleggen.

“De eerste en de tweede boodschap werden in 1843 en 1844 verkondigd en we bevinden ons nu in de verkondiging van de derde. Maar alle drie boodschappen moeten noch steeds verkondigd worden. Het is vandaag net zo belangrijk als voorheen, dat ze voor die mensen herhaalt worden, die naar waarheid zoeken. Met pen en stem moeten we deze boodschappen verkondigen, hun volgorde en de uitleg van de voorspellingen laten zien, die ons tot de derde engelboodschap hebben geleid. Er kan geen derde engelboodschap zijn, zonder de eerste en de tweede. Deze boodschappen moeten we de wereld in publicaties en presentaties  brengen, aantonende de dingen die al hebben plaatsgevonden en de dingen die zullen plaatsvinden in de lijn van de profetische geschiedenis.” {2SM, 104.2}

Daarnaast beschrijft de zr. White de ervaringen, de Bijbelse waarheden en de wegmarkeringen gedurende de tijd van de eerste en tweede engelenboodschappen als het fundament en begin van ons vertrouwen, waar we ons tot het einde toe aan vast moeten houden, omdat de geschiedenis zich zal herhalen als het afsluitende werk begint:

“Nadat de tijd verstreken was, vertrouwde God zijn trouwe volgelingen de waardevolle principes van de tegenwoordige waarheid toe. Deze principes werden niet gegeven aan hen, die geen rol hadden gespeeld in het geven van de eerste en tweede engelboodschap. Ze werden gegeven aan de werkers, die een rol  in de zaak gehad hebben vanaf het begin.”

“Zij, die door deze ervaringen gegaan zijn, zouden zo vast als een rots moeten staan wat betreft de principes die ons tot Zevende-dags Adventisten hebben gemaakt. Ze moeten samen met God werken, het getuigenis toebinden en de wet verzegelen onder Zijn leerlingen. Zij, die deelnamen in de oprichting van ons werk op een fundament van Bijbelse waarheid, zij die de wegmarkeringen kennen die het juiste pad hebben gewezen, moeten gezien worden als de werkers van de grootste waarde.  Ze kunnen uit persoonlijke ervaring spreken, wat betreft de hen toevertrouwde waarheden. Deze mannen mogen het niet toelaten, dat hun geloof in ongeloof veranderd; zij mogen niet de banier van de derde engel uit hun handen laten wegnemen. Ze moeten het begin van hun vertrouwen vasthouden tot het einde.”

“De Heer heeft verklaard dat de geschiedenis van het verleden zich zal herhalen als we komen tot het afsluitende werk. Elke waarheid die Hij voor de laatste dagen heeft gegeven moet verkondigd worden aan de wereld. Elke pilaar die hij neergezet heeft moet versterkt worden. We kunnen nu niet afstappen van het fundament dat God voor ons gelegd heeft. We kunnen nu niet binnengaan in een nieuwe organisatie; want die zou afval van de waarheid betekenen.” Manuscript 129, 1905. {2SM 389-390}

Om te weten hoe de afloop van toekomstige gebeurtenissen zal zijn, zullen we nu eerst een eenvoudige afbeelding geven van de belangrijkste profetische gebeurtenissen, ten tijde van de Millerietenbeweging, tijdens de verkondiging van de eerste en tweede engelboodschap:

Ellen White zegt, dat de wegmarkeringen van deze tijd een figuurlijke aaneenschakeling van gebeurtenissen zijn, wat betekent dat het een Illustratie of een voorafspiegeling van een afloop van toekomstige gebeurtenissen is.

“…De grote wegmarkeringen van de waarheid, die ons oriëntatie in de profetie geschiedenis geven, moeten zorgvuldig worden bewaakt, anders worden ze omvergehaald en vervangen met theorieën, die eerder verwarring brengen dan echt licht… De profetieën van Daniël en Johannes moeten zorgvuldig worden bestudeerd.

“Er zijn mensen die nu leven en door de studie van de profetieën van Daniël en Johannes groot licht hebben gekregen, terwijl ze de tijd doorleefden waarin de speciale profetieën in hun volgorde vervuld werden. Ze brachten de boodschap van hun tijd aan de mensen. De waarheid scheen helder als de middagzon. Historische gebeurtenissen, die de directe vervulling van profetie laten zien, werden de mensen voor ogen gehouden, en de profetie werd gezien als een figuurlijke lijn van gebeurtenissen die leiden tot de sluiting van de geschiedenis van de aarde. De scenes, die in verbinding staan met de werken van de mens der zonde, zijn de laatste gebeurtenissen die  duidelijk openbaar gemaakt worden in de geschiedenis van deze aarde. De mensen hebben nu een speciale boodschap aan de wereld te geven, de derde engelboodschap. Het is onwaarschijnlijker dat zij, die de tijd doorleefd hebben en aan de verkondiging van de eerste, tweede en derde engelboodschap meegewerkt hebben, op foute wegen worden geleid, dan zij die geen praktische kennis hebben van het volk van God. {2SM 101-102}

Enige gebeurtenissen van de geschiedenis zijn gemakkelijk overdraagbaar op de laatste tijd. Zo spreekt Ellen White ervan dat de tweede engelboodschap haar perfecte vervulling bij de Zondagswet zal hebben, als de afval zijn hoogtepunt bereikt heeft en de kerken zich volledig met de wereld verenigen

“De boodschap van de tweede engel van Openbaring 14 werd voor het eerst in de zomer van 1844 verkondigd en was toen in het bijzonder van toepassing op de kerken van de Verenigde Staten, waar de waarschuwing voor het oordeel op zeer grote schaal was verkondigd, maar door de meesten was verworpen en waar de afval in de kerken het snelst was geweest. De boodschap van de tweede engel ging echter niet volledig in vervulling in 1844. In de kerken was er toen een moreel verval omdat ze hadden geweigerd het licht van de Adventboodschap aan te nemen. Toch was dit zedenverval niet volledig. Omdat ze volhardden in hun afwijzing van de waarheid voor deze tijd, zijn ze steeds dieper gezonken. Toch kan men nog niet zeggen: „Babylon is gevallen… omdat zij al de volken van de wijn van de hartstocht harer hoererij heeft doen drinken”. Dit is nog niet met alle volken gebeurd…Maar de afval heeft zijn dieptepunt nog niet bereikt. De Bijbel zegt dat voor de wederkomst van Christus, Satan „met allerlei krachten, tekenen en bedrieglijke wonderen, en met allerlei verlokkende ongerechtigheid” zal werken. Zij die „de liefde tot de waarheid niet aanvaard hebben, waardoor zij hadden kunnen behouden worden” zullen een dwaling ontvangen, „die bewerkt, dat zij de leugen geloven.” (2 Thessalonicenzen 2:9-11). Pas wanneer deze voorwaarde is vervuld en in de hele christelijke wereld de eenheid van de kerk met de wereld volledig is bereikt, zal Babylon helemaal vallen. Deze verandering vindt geleidelijk plaats en de volledige vervulling van Openbaring 14:8 ligt nog in de toekomst.” {GC88, 389.2-3}

Zoals na de 2e engelboodschap de middernachtsroep kwam, zal na de Zondagswet de luide roep rondgaan:

“De macht die de mensen in de beweging van 1844 zo geweldig wakker schudde, zal zich nogmaals laten zien. De boodschap van de derde engel zal verder worden verkondigd, niet fluisterend, maar met luide stem.”  {5T, 252}

“…Ik zag, dat deze boodschap met macht en kracht tot een einde zal komen, die de middernachtsroep ver zal overtreffen.” {EW, 278.1}

Zoals het op 22 oktober 1844, voor allen, die aan de hand van deze boodschappen getest werden, een gesloten deur gaf, zal er ook na de luide roep een genadedeur sluiten voor de mensheid. Dat geeft het volgende beeld, welke de parallellen tussen de Millergeschiedenis en de laatste generatie laat zien:

De vraag is nu: Welke gebeurtenissen vinden nog vóór de Zondagswet plaats? Als de geschiedenis zich herhaald moet er ook in de herhaling een parallel zijn van de gebeurtenissen van het jaar 1798 en 11 augustus 1840.

De herhaling van de geschiedenis begint symbolisch met de zogenoemde “Tijd van het einde”, welke in Daniel 12:4,7-9 als een tijd beschreven wordt waar de kennis over de profetie in het boek Daniël zal toenemen, omdat dit boek aan het einde van de 3½  tijden in het jaar 1798 niet meer verzegeld, maar geopend werd. (1)

In Daniël 11:40 komen we ook te weten dat in de tijd van het einde (1798) de koning van het Zuiden (atheïstische Frankrijk) hem (de koning van het Noorden = Pausdom) met de horens zal stoten, wat een beschrijving is van de dodelijke wond, die het eerste dier uit Openbaring 13 krijgt. Het eerste deel uit Daniël 11:40 wijst dus duidelijk op het begin van de Millertijd in het jaar 1798 heen. In het verdere verloop van het vers ervaren we een volgende gebeurtenis, die in de tijd van het einde moet plaatsvinden, want daar wordt gezegd: En de koning van het noorden (Pausdom) zal op hem (koning van het zuiden) aanstormen met wagens en met ruiters (militaire macht) (2) en met vele schepen (economische macht) (3). Hij zal de landen binnentrekken, ze overspoelen en erdoorheen trekken. We weten dat het pausdom in 1798 niet met militaire en economisch macht heeft teruggeslagen, dus het moet een latere gebeurtenis zijn, een gebeurtenis, welke, net zoals de eerste gebeurtenis in het jaar 1798, de tijd van het einde genoemd wordt.

De macht, waarop het pausdom nu los stormt, bestaat uit vele landen, waardoor het ook niet Frankrijk kan zijn. Maar het moet een atheïstische macht zijn en ze moet uit vele landen bestaan. Uit Openbaring 13 weten we dat het pausdom, als het weer macht krijgt en de wond geneest, militaire en economische macht van de USA ter beschikking gesteld krijgt. De vraag is dus: Overwon het pausdom met hulp van militaire en economische macht van de USA al eens een atheïstisch Regime, dat uit vele landen bestond?

Het antwoord is een duidelijke “Ja”, dit gebeurde in 1989, nadat de Amerikaanse president Ronald Reagan in het jaar 1982 met Paus Johannes Paul II in het geheim een bond gesloten had, om de Sovjet-Unie te laten vallen. Deze gebeurtenis markeert de tijd van het einde als startpunt voor de herhaling van de gebeurtenissen van de Millergeschiedenis:

Zoals de profetische boodschap over het einde van de genadetijd voor de generatie in de tijd van Christus of voor de generatie in de tijd van de Millerieten uit het boek Daniël kwam, zo komt de profetische boodschap voor de laatste generatie op aarde, voor welke de genadetijd voor altijd eindigt, ook uit het boek Daniël, ditmaal uit het 11e hoofdstuk (4). Vanaf 1989 beginnen de in openbaring 13 aangekondigde gebeurtenissen zich te vervullen m.b.t. de verbinding van de USA met het pausdom. De toename van kennis daarover vindt in het Adventgeloof sinds 1989 plaats. Tot deze kennistoename hoort ook het profetische uitlegprincipe, dat de geschiedenis zich herhaalt en daarbij in het bijzonder de Millergeschiedenis. Neemt men aan, dat de tijd van het einde ook onze laatste generatie ingeleid heeft, dan blijft nu de vraag, welke gebeurtenis 1989 opvolgt en nog voor de Zondagswet plaatsvindt.

 

11 augustus 1840 – Bekrachtiging van de eerste engelboodschap.

Om uit te vinden, welke profetische gebeurtenis na 1989 volgen moet, moeten we de parallelle gebeurtenis in de Millerietengeschiedenis bekijken. De grote profetische gebeurtenis die na 1798 volgde, vond plaats op 11 augustus 1840. Op deze datum gebeurden de volgende dingen, waarmee we ons nu meer willen bezighouden:

  1. Het (islamitische) Ottomaanse rijk verloor zijn overmacht en Soevereiniteit, toen het zich onder de bescherming van de 4 Europese mogendheden stelde.
  2. Dit is een vervulling van de profetie uit Openbaring 9:15, die de Adventpionier Josiah Litch reeds van tevoren, op de dag nauwkeurig, berekend en verkondigd had.
  3. Het grondbeginsel voor de Millerieten, voor het uitleggen van profetie, welke het Jaar-Dag-principe betrof, werd door de vervulling van deze profetie bevestigd en de boodschap over het spoedig naderende oordeel in 1843/4, afgeleid uit Openbaring 14:7 en Daniël 8:14 werd bekrachtigd.
  4. De Engel uit Openbaring 10 komt naar beneden, en heeft het geopende boek Daniël in zijn hand en staat op de zee en op de aarde en symboliseert daarmee, dat de verkondiging van de oordeelsboodschap nu over de hele wereld gaat.

Kort gezegd bekrachtigt deze Engel uit Openbaring 10 de eerste Engelboodschap uit Openbaring 14, als hij door een ingetreden profetische gebeurtenis het uitlegprincipe van de boodschap van het uur bevestigd. Destijds was het fundamentele profetische uitlegprincipe het Jaar-Dag-principe, dat voor de uitleg van de 2300 avonden en morgens gebruikt werd om 1844 te bewijzen, maar ook door Josiah Litch in de uitleg van de profetie van Openbaring 9:15 toegepast werd.

Openbaring 9:15 speelt zich tijdens de 6e bazuin af en daar wordt de volgende voorspelling gegeven:

“En de zesde engel heeft gebazuind, en ik hoorde een stem uit de vier hoornen des gouden altaars, dat voor God was, Zeggende tot den zesden engel, die de bazuin had: Ontbind de vier engelen, die gebonden zijn bij de grote rivier, den Eufraat. En de vier engelen zijn ontbonden geworden, welke bereid waren tegen de ure, en dag, en maand, en jaar, opdat zij het derde deel der mensen zouden doden.” {Openbaring 9:13-15}

De 7 bazuinen representeren, net als de 7 gemeenten en de 7 zegels een ontwikkeling in de geschiedenis, welke zich tussen de dood van Jezus en Zijn tweede komst afspeelt. De 7 gemeenten representeren de ontwikkeling binnen de gemeente, de 7 zegels de ontwikkeling van gebeurtenissen buiten de gemeente, maar die toch met de gemeente te maken hebben. De 7 bazuinen representeren oorlog en Gods oordeel tegen Rome, eerst 4 bazuinen tegen het heidense West Romeinse rijk, en dan de 5e en 6e bazuin tegen het Oost-Romeinse rijk. De eerste 4 bazuinen representeren de Barbarenvolken, de 5e en 6e bazuin beschrijven de opkomende Islam, die een gesel voor het Pauselijke Rome worden moet. Of het nu om Heidens of pauselijk Rome gaat – de bazuinen representeren altijd Gods oordelen tegen Rome. Het bijzondere bij de 7 bazuinen is, dat zodra de Islam in de 5e en 6e bazuin een thema wordt, de bazuinen ook weeën bevatten. Na de 4e bazuin worden in Openbaring 8:13 voor de laatste 3 bazuinen 3 weeën aangekondigd. De eerste wee is na de 5e bazuin in Openbaring 9:12 voorbij, de tweede in Openbaring 11:14, voordat de 7e bazuin in vers 15 begint. Daarbij wordt aangekondigd dat de 3e wee snel zal komen. De eerste en tweede wee geven de periodes binnen de 5e en 6e bazuin weer, waarin de Islam zijn profetische rol moet uitvoeren. Als de 1e wee ten tijde van de 5e bazuin de Islam was en ook de 2e wee ten tijde van de 6e bazuin de Islam was, wat zal dan de 3e wee ten tijde van de 7e bazuin zijn? Natuurlijk ook Islam! De 2e wee in de 6e bazuin is de profetische periode die in Openbaring 9:15 beschreven wordt. Josiah Litch gebruikte het Jaar-Dag-principe bij de profetie over “uur, dag, maand en jaar” en kwam tot de volgende berekening:

1 jaar  = 360 dagen   = 360 jaar
1 maand = 30 dagen = 30 jaar
1 dag  = 1 dag  = 1 jaar
1 uur = 1/24 dag  = 15 dagen
= 391 jaar en 15 dagen

 Voor een periode van 391 jaar en 15 dagen zouden, volgens de profetie, de vier engelen (de vier sultans van het islamitisch-Ottomaanse rijk), die gebonden waren, losgelaten moeten worden. Als startpunt gebruikte Josiah Litch 27 juli 1299, hij telde daar de 150 jaar uit Openbaring 9: 5,10 bij op, en kwam tot de conclusie dat de eerste wee eindigde in het jaar 1449, toen Constantijn XI toestemming aan de Turkse sultan vroeg, om als keizer over het Oost-Romeinse rijk te regeren. Daardoor onderwierp hij zich als keizer van het Oost-Romeinse Rijk aan de vier sultans van het Ottomaanse rijk.

Precies 391 jaar en 15 dagen later, en door Josiah Litch op de dag nauwkeurig voorspeld, verloor het Ottomaanse rijk weer zijn overmacht, toen het zich onder de bescherming van de vier Europese mogendheden stelde en daarmee haar soevereiniteit verloor. In de taal van Openbaring 9: 14-15 uitgedrukt, wordt de eerst losgelaten Islam, weer gebonden.

Toen deze gebeurtenis plaatsvond, erkenden duizenden mensen dat de uitlegprincipes van de Millerieten klopten en sloten zich bij de vroege Adventbeweging aan. Ze erkenden dat zij het dan ook bij het juiste eind moesten hebben, dat de 2300 dagen in werkelijkheid 2300 jaar zijn, die rond het jaar 1843/1844 zouden eindigen. De oordeelsboodschap van de eerste engel, die in Daniel 8:14 te vinden is, werd razendsnel verspreid en werd overal bekend.

We kunnen nu de eigenschappen van deze wegmarkering (het tijdpunt, toen op 11 augustus 1840 de Engel uit Openbaring 10 naar beneden kwam) gebruiken, om de wegmarkering te identificeren, die volgt op de tijd van het einde in onze tijd. Daarom kunnen we na 1989 een gebeurtenis verwachten, waarbij de Islam gebonden wordt. Hierdoor wordt tegelijkertijd het profetische uitlegprincipe voor de boodschap van het uur bevestigd, wat in onze tijd het principe is dat de Millerietengeschiedenis zich vanaf de tijd van het einde herhaalt. Daarvoor is het nodig dat een engel neer daalt om met de boodschap, die in de tijd van de Millerieten begon, over de hele wereld te verkondigen. Welke engel zou dat kunnen zijn? Na de 3 engelboodschappen, die hun gedeeltelijke vervulling al in de Millergeschiedenis hadden, verwachten we de engel uit Openbaring 18, die de drie engelenboodschappen in zich verenigd en de hele aarde met zijn heerlijkheid verlicht:

“God heeft de boodschappen in Openbaring 14 hun plaats in de profetische lijn gegeven, en hun werk zal niet ophouden, tot de wereldgeschiedenis voorbij is. De eerste en de twee engelboodschap zijn ook voor deze tijd nog waarheid en moeten met de daar op volgenden parallel verlopen. De derde engel verkondigt met luide stem zijn waarschuwing. “En na dezen”, zei Johannes, “zag ik een anderen engel afkomen uit den hemel, hebbende grote macht, en de aarde is verlicht geworden van zijn heerlijkheid”. In deze verlichting is het licht van alle drie boodschappen verenigd.” {1888, 804.3}

De engel uit Openbaring 18 heeft dus ook de eerste engelboodschap in zich, welke in de Millergeschiedenis door de Engel uit Openbaring 10 werd bekrachtigd, wat hij deed door het profetische uitlegprincipe met hulp van de Islam in de Bijbels profetie te bevestigen. Dit bracht de mensen in rep en roer wat betreft de realiteit dat het oordeel nabij was.

Als we nu in de geschiedenis kijken, zien we, dat zich al deze eigenschappen op 11 september 2001 herhaald hebben, toen de Islam weer in de geschiedenis kwam en gebonden werd, toen de USA de oorlog tegen de radicale Islam uitriep. Daarmee komen we tot  het volgende beeld:

Op 11 september begon de derde wee van de 7e bazuin, toen de Islam weer zijn profetische rol als gesel tegen Rome/ Babylon in de eindtijd begon uit te voeren.

Toen de radicale Islam door de oorlog tegen de terreur ingeperkt en gebonden werd, werd hij door God gebruikt om zijn verschrikkelijke oordelen te voltrekken, zoals de hele wereld op 11 september daarvan getuigen kon. Ellen White, de boodschapster van God zelf, had klaarblijkelijk hierover bijzonder licht gekregen:

“Wij leven in de tijd van het einde. …

“Toen ik op een keer in New York was, kreeg ik in een nachtelijk visioen te zien hoe gebouwen verdieping na verdieping oprezen ten hemel. …

“Het toneel dat vervolgens aan mijn geest voorbijging was een brandalarm. Mensen keken naar die grote gebouwen die verondersteld werden brandvrij te zijn en zeiden: “Ze zijn volkomen veilig.” Maar die gebouwen werden door het vuur vernietigd als waren ze van pek gemaakt. De brandweer kon niets doen om de algehele vernietiging te voorkomen. …

“Mij is gezegd, dal wanneer de tijd des Heren komt en er geen verandering is gekomen in de harten van trotse, eerzuchtige menselijke wezens, ze zullen ervaren dat de hand die krachtig was om te redden, krachtig zal zijn om te vernietigen. Geen aardse macht kan de hand van God weerhouden. Geen materiaal kan gebruikt worden bij het optrekken van gebouwen dat ze voor vernietiging zal bewaren wanneer Gods bestemde tijd komt om de mensen te vergelden vanwege hun minachting voor Zijn wet en vanwege hun zelfzuchtige eerzucht.

“De wereld is vol onrust door de oorlogsgeest. De profetie van het elfde hoofdstuk van Daniël is bijna tot haar gehele vervulling gekomen. Spoedig zullen de tonelen der benauwdheid waarvan in de profetieën gesproken wordt, plaatsvinden. 9T, 11-14.

Niet alleen verbindt zuster White de vernietiging van de hoge gebouwen in New York met een van God geplande tijd, in de tijd van het Einde, als Daniël 11 volledig vervuld wordt, maar ze zegt ook in het volgende citaat, dat dan de eerste 3 verzen uit Openbaring 18 vervuld worden:

“Vanwaar komt het woord, dat ik gezegd zou hebben dat New York door een vloedgolf zou worden weggevaagd. Ik heb dat nooit gezegd. Wel heb ik gezegd, toen ik naar die hoge gebouwen keek, de ene verdieping bovenop de andere: `Welke vreselijke tonelen zullen hier plaats vinden, wanneer de Here zal opstaan om de aarde vreselijk te schudden. Dan zullen de woorden in Openbaring 18:1-3 in vervulling gaan. Het hele 18de hoofdstuk van Openbaring is een waarschuwing van hetgeen over de aarde staat te komen. Maar ik heb geen bijzonder licht omtrent hetgeen over New York staat te komen, behalve dat op zekere dag de grote gebouwen daar neergeworpen zullen worden door Gods kracht. Volgens het licht dat ik gekregen heb weet ik dat vernietiging in de wereld is. Eén woord van de Here, één enkele aanraking van Zijn macht en deze massieve gebouwen zullen ineenstorten. Tonelen zullen plaats vinden, waarvan de verschrikking zo groot is dat wij er geen voorstelling van kunnen maken. LS, 411.3; RH, July 5, 1906.

De profetische uitleg, dat op 11 september 2001 de engel uit Openbaring 18 naar beneden kwam, komt dus volledig overeen met wat God door Ellen White geopenbaard heeft. Dit profetische licht zou het volk van God moeten wakker schudden dat de Zondagswet direct voor de deur staat en de genadetijd voor altijd eindigt.

2) De rol van de Islam in de Bijbelse profetie

Om  nog preciezer uit te vinden, welke rol de Islam in onze tijd speelt, kijken we nu naar de beschrijving van de Islam in de Bijbel. Daarbij gaat het erom, uit te vinden, wat de rol van de Islam op het wereldpodium is en niet om elke Islamiet, precies zoals het bij de identificering van het pausdom als de Antichrist niet om elke katholiek gaat.

Het Bijbelse uitlegprincipe volgend, dat de tekst waar iets voor de eerste keer genoemd wordt, de belangrijkste plaats is en de hoofduitspraak over dat thema in zich heeft, gaan we naar de geboorte van de Islam in Genesis 16, waar Ismaël, de eerste zoon van Abraham en de Oervader van de Islam, geboren wordt:

“Ook zeide des HEEREN Engel tot haar: Zie, gij zijt zwanger, en zult een zoon baren, en gij zult zijn naam Ismael noemen, omdat de HEERE uw verdrukking aangehoord heeft. En hij zal een woudezel van een mens zijn; zijn hand zal tegen allen zijn, en de hand van allen tegen hem; en hij zal wonen voor het aangezicht van al zijn broederen.” {Genesis 16: 11-12}

Deze tekst beschrijft de belangrijkste karaktereigenschap van Ismaël en zijn nakomelingen namelijk; zijn hand zal tegen allen zijn, en de hand van allen tegen hem. Dit is tevens een profetie. Ook aan het einde van de wereld zal de hand van de Islam tegen allen zijn en de hele wereld tegen de Islam, want God toont, volgens Jesaja 46:9, het einde door het begin. Daarnaast wordt gezegd dat hij een “woudezel van een mens” (wild mens) zal zijn. In alle andere 9 teksten in het oude testament, waar hetzelfde Hebreeuwse woord voor “wild” wordt gebruikt, wordt over de wilde ezel (woudezel) of Ezelhengst gesproken (5). De ezel is hiermee het eerste symbool in de Bijbel dat we aan de Islam kunnen verbinden.

Verder wordt de Islam door de kinderen of zonen van het Oosten voorgesteld. In Genesis 25:6, 12-18 wordt beschreven hoe ze zich vestigden in het Oosten. Later in Jeremia 49:28, als over de kinderen van het Oosten gesproken wordt, gaat het om de nakomelingen van Ismaël (Kedar), die zich in het gebied van Arabië hebben gevestigd.

In Richteren 7:12 vinden we een volgende eigenschap van de zonen van het Oosten:

En de Midianieten, en Amalekieten, en al de kinderen van het oosten, lagen in het dal, gelijk sprinkhanen in menigte, en hun kemelen waren ontelbaar, gelijk het zand, dat aan den oever der zee is, in menigte. {Richteren 7:12}

Daarbij past ook de herkomst van de sprinkhanen in de 8e plaag voor Egypte in Exodus 10:13:

“Toen strekte Mozes zijn staf over Egypteland, en de HEERE bracht een oostenwind in dat land, dien gehele dag en dien gansen nacht; het geschiedde des morgens, dat de oostenwind de sprinkhanen opbracht. {Exodus 10:13}

Zo vinden we ook in Openbaring 9: 3, 7 de sprinkhanen als een symbool voor de Islam gebruikt. Zoals de sprinkhanen een plaag voor Egypte was, zo was de Islam het voor Rome. En precies zoals de Farao zich verhardde, zo heeft ook Rome, ondanks de Islamitische plaag zich niet bekeerd:

“En de overige mensen, die niet gedood zijn door deze plagen, hebben zich niet bekeerd van de werken hunner handen, dat zij niet zouden aanbidden de duivelen; en de gouden, en zilveren, en koperen, en stenen, en houten afgoden, die noch zien kunnen, noch horen, noch wandelen; En hebben zich ook niet bekeerd van hun doodslagen, noch van hun venijngevingen, noch van hun hoererij, noch van hun dieverijen.”  {Openbaring 9:20-21}

Samenvattend zijn dus een paar van de belangrijkste symbolen voor de Islam in de Bijbel:  woudezel of paard, sprinkhanen, de zonen van het Oosten en de Oostenwind. In Openbaring 9 vinden we nog een interessant aspect over de Islam, die we zeker ook begrijpen moeten om de rol van de Islam in de tijd van het einde te begrijpen. We zullen zien, dat de Islam ook de opdracht heeft de kinderen van God, die het zegel van God aan hun voorhoofd hebben, niet te beschadigen. De Islam is eigenlijk een bescherming voor de ware kinderen van God, omdat hij het pausdom heeft aangevallen. Daardoor moest het pausdom zijn middelen gebruiken voor het afweren van de Islam en kon ze de opkomende reformatie niet meer verhinderen:

“En uit den rook kwamen sprinkhanen op de aarde, en hun werd macht gegeven, gelijk de schorpioenen der aarde macht hebben. En hun werd gezegd, dat zij het gras der aarde niet zouden beschadigen, noch enige groente, noch enigen boom, dan de mensen alleen, die het zegel Gods aan hun voorhoofden niet hebben. {Openbaring 9: 3-4}

Terwijl de Islam dus een gesel voor Rome is, is hij tegelijkertijd een bescherming voor de verzegelde kinderen van God. In de geschiedenis kunnen we herkennen dat de Islam telkens weer opkomt, nadat het pausdom opgekomen is en verdwijnt, nadat het pausdom verdwijnt:

Omdat God de geschiedenis herhaalt, kunnen we verwachten dat de Islam sinds 11 september 2001 dezelfde profetische rol vervult, die hij in de geschiedenis al vervuld heeft. En daadwerkelijk zien we in deze tijd, hoe de radicale Islam steeds meer een gesel voor Rome in de tijd van het einde wordt. Tegelijkertijd zien we een herhaling van de eigenschappen van de vier engelen uit Openbaring 9: 14-15 in de vier engelen uit Openbaring 7:1-4, als nu de 144.000 verzegeld moeten worden, diegenen, die de laatste generatie op aarde zijn, die Jezus levend in de wolken zien terugkomen. Zoals de vier engelen uit Openbaring 9 gebonden werden, om losgelaten te worden om Rome te plagen, houden de vier engelen in Openbaring 7 de vier winden terug, die uiteindelijk over de hele aarde moeten worden losgelaten:

“En na dezen zag ik vier engelen staan op de vier hoeken der aarde, houdende de vier winden der aarde, opdat geen wind zou waaien op de aarde, noch op de zee, noch tegen enigen boom. En ik zag een anderen engel opkomen van den opgang der zon, hebbende het zegel des levenden Gods; en hij riep met een grote stem tot de vier engelen, welke macht gegeven was de aarde en de zee te beschadigen, Zeggende: Beschadigt de aarde niet, noch de zee, noch de bomen, totdat wij de dienstknechten onzes Gods zullen verzegeld hebben aan hun voorhoofden. En ik hoorde het getal dergenen, die verzegeld waren: honderd vier en veertig duizend waren verzegeld uit alle geslachten der kinderen Israels”. {Openbaring 7:1-4}

Van waar komt de engel met het zegel van God? Hij komt uit het Oosten, waar de zon opkomt. Als we alle Bijbelteksten samennemen, herkennen we hier dat Johannes de zelfde woorden gebruikt als bij de beschrijving van de Islam in Openbaring 9, waar ook de bomen niet mogen worden beschadigd en de engel teruggehouden werd. In deze samenhang wordt het zegel van God genoemd en de engel die uit het Oosten komt. De verzegeling van de Gods volk vindt voor de Zondagswet plaats, want zodra de Zondagswet uitgevaardigd wordt, wordt alleen nog maar openbaar, wie het zegel van God en wie het merkteken van het beest aangenomen heeft:

“En een derde engel is hen gevolgd, zeggende met een grote stem: Indien iemand het beest aanbidt en zijn beeld, en ontvangt het merkteken aan zijn voorhoofd, of aan zijn hand, Die zal ook drinken uit den wijn des toorn Gods, die ongemengd ingeschonken is, in den drinkbeker Zijns toorns; en hij zal gepijnigd worden met vuur en sulfer voor de heilige engelen en voor het Lam.”  {Openbaring 14:9-10}

De derde engelboodschap wordt door de engel uit Openbaring 18 herhaald en brengt de boodschap van de laatste mogelijkheid met zich mee, dat het volk van God nog voor de Zondagswet kan worden verzegeld.

“…De engel zei: “De derde engel bindt of verzegelt ze in bundels voor de Hemelse schuur.”… {EW 88.3}

God zendt een laatste profetische waarschuwingsboodschap aan Zijn volk, zodat het aan de hand van de tekenen van de tijd zeker herkennen kan, dat de genadedeur zich snel voor altijd zal sluiten. Zijn volk moet uit de Laodicea-toestand wakker worden en de drievoudige engelboodschap verkondigen zoals God het bedoeld had, namelijk zoals de Millerieten, op basis van het principe van zich na elkaar vervullende profetische gebeurtenissen in onze eigen tijd. Als we nu niet alles doen om in de waarheid gegrond en verzegeld te worden, zodat we een heilig leven voeren en we als waardig voor de hemel geacht worden kunnen, zal het bij de Zondagswet te laat voor ons zijn. God zal tot de Zondagswet zijn gemeente ziften en dan alleen diegenen voor de verkondiging van de luide roep gebruiken, die trouw waren en het zegel van God hebben gekregen.

“De Heer heeft rijkelijk middelen. Hij heeft geen gebrek aan mogelijkheden. Het is door ons gebrek aan vertrouwen, onze wereldgezindheid, onze nutteloze woorden, ons ongeloof, die in onze gesprekken naar voren komen, dat donkere schaduwen zich om ons heen verzamelen. Christus wordt niet geopenbaard in woord of karakter als de ene volkomen liefde, en de hoogste onder tienduizenden. Als de ziel tevreden is, zichzelf in ijdelheid te verhogen, kan de Geest van God weinig voor hem doen. Onze kortzichtige blik ziet de schaduw, maar kan niet de glorie erachter herkennen. Engelen houden de vier winden tegen, weergegeven als een toornig paard, dat probeert los te breken en over de gehele wereld te snellen, om op zijn weg vernietiging en dood te brengen. “
“Zullen we slapen op het randje van de eeuwige wereld? Zullen we afgestompt, koud en levenloos zijn? O, dat we toch in onze kerken de Geest en de adem van God geblazen in de mensen mogen hebben, dat ze op mogen staan en leven. We moeten inzien dat de weg smal en de poort nauw is. Maar zodra we door de nauwe poort gegaan zijn, is er een wijdte zonder grenzen.”
“We moeten nu opstaan en schijnen, want ons licht is gekomen en de glorie van de Heer is over ons opgegaan. We hebben geen tijd om over onszelf te praten, geen tijd meer om te zijn als de gevoelige plant, die niet kan worden aangeraakt zonder zich terug te trekken. In Jezus is onze voldoening. Zullen we in geloof spreken? Zullen we spreken van de glorieuze hoop, van de volle en overvloedige gerechtigheid van Jezus Christus, bereid gesteld voor elke ziel. Ik zeg je in de naam van onze Heer, de God van Israël dat alles wat schadelijk is, alle ontmoedigende invloeden onder controle gehouden worden door ongeziene engelen, totdat iedereen, die in de vrees van de Heer en in de Liefde van God is verzegeld, aan zijn voorhoofd is verzegeld.” {20 MR, 216-7}

Ellen G. White heeft net bevestigd dat de engel uit Openbaring 7, die de 4 winden terughoudt, door een woedend paard worden afgebeeld, wat een symbool voor de Islam is. Als dit paard niet meer vastgebonden is, zal het dood en vernietiging over de hele aarde brengen, beide eigenschappen, die de Islam al in Openbaring 9:11 door de namen “Abaddon” (Vernietiger) en “Apollyon (Verderfer/ dood) kentekenden.

 

Samenvattend

Sinds 11 september 2001 leven we in de laatste verzegelingstijd, waarin het volk van God zich op het einde van de genadetijd moet voorbereiden. Deze tijd wordt voor Gods volk al bij de Zondagswet beëindigd. Dan zal hij een zegenrijke gemeente hebben, die Zijn overige kinderen uit Babylon roept. God zendt door Zijn profetisch woord Zijn volk nu licht, zodat het wakker wordt en herkent, dat het onderzoekende oordeel snel zal eindigen. De verzegeling van het volk van God is bij de Zondagswet al afgesloten, wat betekent, dat het dus van tevoren getest en geoordeeld wordt. Dus er is een tijd dat de verzegeling en het oordeel van Gods volk begint, want  “aldaar is de tijd voor alle voornemen, en over alle werk!” {Prediker 3:17}. En wie was God als Hij niet dit belangrijke tijdpunt, toen het oordeel van de doden naar de levenden overging, op Zijn tijd geopenbaard heeft, want “de Heere HEERE zal geen ding doen, tenzij Hij Zijn verborgenheid aan Zijn knechten, de profeten, geopenbaard hebbe.” {Amos 3:7}

“En hij zeide tot mij: Zie, dat gij het niet doet; want ik ben uw mededienstknecht, en uwer broederen, der profeten, en dergenen, die de woorden dezes boeks bewaren; aanbid God. En hij zeide tot mij: Verzegel de woorden der profetie dezes boeks niet; want de tijd is nabij. Die onrecht doet, dat hij nog onrecht doe; en die vuil is, dat hij nog vuil worde; en die rechtvaardig is, dat hij nog gerechtvaardigd worde; en die heilig is, dat hij nog geheiligd worde. En zie, Ik kom haastiglijk en Mijn loon is met Mij, om een iegelijk te vergelden, gelijk zijn werk zal zijn. Ik ben de Alfa, en de Omega, het Begin en het Einde; de Eerste en de Laatste. Zalig zijn zij, die Zijn geboden doen, opdat hun macht zij aan den boom des levens, en zij door de poorten mogen ingaan in de stad.” {Openbaring 22:9-14}

“Over de tijden van onwetendheid heeft God weggezien, maar nu, met het verblindende licht van de waarheid overal om ons heen, met waarschuwingen en berispingen, met het groter wordende licht, als we onze ogen openen om dat zien, is er geen excuus voor iemand, zelfs voor het zwakste kind van God, dat hij niet licht in de wereld verspreidt. De vier engelen houden de vier winden tegen zodat een speciaal werk kan worden volbracht: de heiligen van God moeten verzegeld worden aan hun voorhoofd. Broeders, hoe lang duurt het nog, voordat jullie voor het zegel van God voorbereid zijn? Elke stap die jullie gaan op de weg, die God verbiedt, verder in de richting van jullie eigen genoegens en zonde, is een stap dichter naar jullie vernietiging. Elke ongehoorzame daad  t.o.v. het woord van de Heer stelt u bloot aan onherstelbare verliezen. Elk moment van gemak, van genotzucht, dat u nagaat door de goddelijke vermaningen en de roep der plicht voor ernstig werk voor de Meester te negeren, plaatst u onder de macht en controle van de prins der duisternis. Uw kandelaar kan op elk moment uit zijn plaats worden verwijderd.”
“Vier machtige engelen houden noch steeds de vier winden van de aarde tegen. Verschrikkelijke vernietiging wordt nog niet in volheid toegelaten. De ongelukken op het land en op de zee;  verlies van leven, gestaag toenemend, door storm, door onweer, door treinongelukken, door branden; de verschrikkelijke overstromingen, de aardbevingen en de winden zullen de naties tot een dodelijke strijd ophitsen, terwijl de engelen de vier winden tegenhouden, en zo verhinderen dat  de verschrikkelijke macht van Satan in zijn woede toegelaten wordt tot de dienaren van God aan hun voorhoofden verzegeld zijn.”  {RH, June 7, 1887 par.12-13}

 

——-

Voetnoten:

(1) Great Controversy 355-356
(2) Jesaja 43:17; Exodus 14:9
(3) Spreuken 31:14; Psalm 107:23
(4) Het profetisch belang van 1989 volgt uit de studie van Daniël 11:40-45. U kunt op www.deb-ministries.org meer informatie hierover vinden, of de studie bij ons verkrijgen: “De Tijd van het Einde” magazine.
(5) Job 6:5; 11:12; 24:5; 39:5; Psalm 104:11; Jesaja 32:14; Jeremia 2:24; 14:6; Hosea 8:9

Deel dit met anderen...